De meest voorkomende bouw- en milieuovertredingen waartegen gemeenten optreden zijn: bouwen zonder omgevingsvergunning of in afwijking van een omgevingsvergunning, illegale sloop of verbouwing, strijdig gebruik van grond of gebouwen en het overtreden van milieuregels, zoals geluidsnormen, regels over bodemverontreiniging of het illegaal opslaan van gevaarlijke stoffen.
In de praktijk bestaat een groot deel van het werk van de gemeentelijke handhaving uit bouwkundige overtredingen. Denk aan een aanbouw die zonder vergunning is geplaatst, een schuur die te dicht op de erfgrens staat of een bedrijfspand dat als woning wordt gebruikt. Dit zijn situaties die direct raken aan de veiligheid van gebruikers en omwonenden.
Op milieugebied gaat het vaak om overtredingen van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), zoals het niet naleven van geluidsnormen, het illegaal lozen van afvalwater of het ontbreken van de juiste milieumaatregelen bij bedrijfsactiviteiten. Gemeenten zijn op grond van de Omgevingswet verplicht om actief toezicht te houden op deze overtredingen en waar nodig handhavend op te treden.
Een gemeente treedt op tegen overtredingen van bouw- en milieuwetgeving zodra een concrete overtreding wordt geconstateerd of een melding binnenkomt. De gemeente heeft dan een beginselplicht tot handhaving: als een overtreding is vastgesteld, moet zij in principe optreden, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn om dat niet te doen.
Gemeentelijke handhaving van het omgevingsrecht wordt in gang gezet via verschillende kanalen. Een buurtbewoner dient een handhavingsverzoek in, een toezichthouder signaleert een overtreding tijdens een reguliere controle of een melding via een gemeentelijk loket leidt tot een inspectie. Na constatering volgt een formele procedure.
Het moment van optreden hangt ook af van de ernst van de overtreding. Bij acuut gevaar voor de veiligheid — zoals een instabiel bouwwerk of ernstige bodemverontreiniging — kan de gemeente direct en spoedeisend ingrijpen. Bij minder urgente situaties volgt eerst een waarschuwing of een last onder dwangsom, waarbij de overtreder de kans krijgt de situatie zelf te herstellen.
Een bouwovertreding heeft betrekking op het bouwen, verbouwen of slopen van bouwwerken zonder de vereiste vergunning of in strijd met de verleende vergunning. Een milieuovertreding betreft het schenden van regels die de leefomgeving beschermen, zoals normen voor geluid, lucht, bodem of afvalverwerking. Beide vallen onder het omgevingsrecht, maar kennen eigen regelgeving en handhavingsinstrumenten.
Een bouwovertreding ontstaat wanneer iemand bouwt zonder omgevingsvergunning, afwijkt van de vergunde situatie of een bouwwerk in stand houdt dat niet voldoet aan het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Voorbeelden zijn een dakkapel die te groot is gebouwd, een illegale uitbouw of het gebruik van een gebouw in strijd met het omgevingsplan.
Een milieuovertreding ontstaat wanneer een bedrijf of particulier de regels overtreedt die zijn gesteld ter bescherming van de fysieke leefomgeving. Dit kan gaan om het overschrijden van geluidsnormen, het illegaal dumpen van afval, het niet naleven van emissiegrenswaarden of het ontbreken van verplichte milieumaatregelen. Gemeenten handhaven deze overtredingen op basis van de Omgevingswet en het Besluit activiteiten leefomgeving.
Hoewel bouw- en milieuovertredingen verschillende regels kennen, worden ze binnen gemeenten vaak door dezelfde afdeling behandeld: de afdeling Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). Dit maakt een integrale aanpak mogelijk, waarbij bouw- en milieuaspecten gezamenlijk worden beoordeeld.
Bij een overtreding van de omgevingsvergunning doorloopt de gemeente een vaste procedure. Eerst constateert een toezichthouder de overtreding en legt deze vast in een controleverslag. Daarna volgt een formele aanschrijving aan de overtreder, met de mogelijkheid om de situatie te legaliseren of te herstellen. Doet de overtreder dat niet, dan zet de gemeente bestuursrechtelijke handhavingsinstrumenten in.
De twee meest gebruikte instrumenten bij handhaving van het omgevingsrecht zijn de last onder dwangsom en de last onder bestuursdwang. Bij een dwangsom krijgt de overtreder een termijn om de overtreding op te heffen; doet hij dat niet, dan verbeurt hij een geldbedrag. Bij bestuursdwang grijpt de gemeente zelf in en verhaalt zij de kosten op de overtreder.
Naast bestuursrechtelijke handhaving bestaat ook de mogelijkheid van strafrechtelijke handhaving. Dit gebeurt wanneer sprake is van opzettelijke of ernstige overtredingen, waarbij de omgevingsdienst of het Openbaar Ministerie wordt ingeschakeld. In de praktijk kiest de gemeente vaker voor bestuursrechtelijke middelen, omdat die sneller en effectiever zijn bij het herstellen van de rechtmatige situatie.
Bouwen zonder vergunning — ook wel illegale bouw genoemd — kan leiden tot een dwangsom, bestuursdwang, sloop van het bouwwerk op kosten van de eigenaar en in ernstige gevallen strafrechtelijke vervolging. Daarnaast kan de illegale situatie problemen opleveren bij de verkoop van het pand of bij het afsluiten van een verzekering.
Een veelgemaakte vergissing is de aanname dat een illegaal bouwwerk vanzelf wordt gelegaliseerd als de gemeente er lang genoeg niets aan doet. Dat is niet zo. Gemeenten kunnen ook jaren later nog handhavend optreden, zolang de overtreding voortduurt. Alleen in specifieke gevallen kan een beroep op verjaring of het vertrouwensbeginsel slagen, maar dat vereist juridisch bewijs dat de gemeente het bouwwerk expliciet heeft gedoogd.
De financiële gevolgen kunnen aanzienlijk zijn. Dwangsommen lopen al snel op tot tienduizenden euro’s, en als de gemeente zelf overgaat tot sloop, worden alle kosten op de eigenaar verhaald. Bovendien kan een overtreding van de omgevingsvergunning gevolgen hebben voor lopende hypotheken of toekomstige financiering van het pand.
Je voorkomt een overtreding bij bouw- en milieuprojecten door vooraf te controleren of je activiteit vergunningplichtig is, tijdig een omgevingsvergunning aan te vragen en tijdens de uitvoering de vergunde situatie nauwkeurig te volgen. Bij twijfel biedt vooroverleg met de gemeente — ook wel de omgevingstafel genoemd — uitkomst.
Concrete stappen om overtredingen te voorkomen:
Voor bedrijven geldt dat een goede interne compliance-aanpak het risico op een milieuovertreding sterk verkleint. Denk aan periodieke interne audits, het bijhouden van vergunningswijzigingen en het aanwijzen van een contactpersoon die de communicatie met de gemeente verzorgt. Proactief contact met de gemeente werkt in de praktijk beter dan achteraf proberen een overtreding te herstellen.
Gemeenten staan voor een grote opgave: de Omgevingswet vraagt om professionals die het VTH-domein écht begrijpen en direct inzetbaar zijn. Wij verbinden ambitieuze jonge professionals met gemeenten die op zoek zijn naar versterking binnen vergunningverlening, toezicht en handhaving.
Via ons VTH Traineeship voor de leefomgeving leiden wij afgestudeerden op tot volwaardige professionals in het fysieke domein. Deelnemers:
Voor gemeenten betekent dit: snel beschikken over gemotiveerde professionals die bouwplannen kunnen toetsen, controles kunnen uitvoeren en handhavingsadviezen kunnen opstellen — zonder in te leveren op kwaliteit.
Als schakel tussen overheid en burger maak jij het verschil – jij zorgt dat Nederland blijft draaien en helpt burgers écht verder. Wil je weten wat het VTH Traineeship voor jou of jouw gemeente kan betekenen? Bekijk al onze traineeshipmogelijkheden en zet de eerste stap naar een carrière in het fysieke domein.